Open de oester

door Corien Prins

op 1 december 2007 in Vooraf

Afbeelding bij Open de oester

In het recente nummer van Privacy & Informatie betoogt Margriet Overkleeft dat de nieuwe Wet politiegegevens (Wpolg) geen specifieke voorziening kent met het oog op de relatie met de Wet openbaarheid van bestuur (Wob). ‘Evenmin is deze verhouding tijdens de parlementaire behandeling aan de orde gekomen.’, aldus Overkleeft. Consequentie van deze situatie is, aldus de schrijfster, dat met het inwerkingtreden van de Wpolg het toepassingsbereik van de Wob aanzienlijk wordt verruimd: de Wob zal in beginsel van toepassing zijn op de gehele politiële informatievoorziening (natuurlijk voor zover het gevraagde document een bestuurlijke aangelegenheid betreft). Voor Overkleeft is deze situatie onwenselijk omdat deze ontwikkeling aanzienlijke gevolgen heeft ‘voor het informatieregime van de politieorganisatie, met name uit een oogpunt van besluitvorming, conflictgevoeligheid, werklast en het risico van activistisch WOB-gebruik.’ Mij laat de analyse van Overkleeft wederom zien dat de Wob in Den Haag een (al dan niet bewust) volstrekt vergeten dossier is. En als de (onwenselijke) gevolgen dan uiteindelijk toch naar voren komen is het veelal te laat. Wat mij betreft is daartoe niet alleen de ervaring met de Wpolg illustratief, maar ook consequenties op geheel andere terreinen.

Laten we beginnen met de vergeten relatie tussen politiegegevens en de Wob. In tegenstelling tot de voorganger van de Wpolg – de Wet politieregisters – kent de nieuwe wettelijke regeling niet langer een gesloten verstrekkingenregime. In de toekomst wordt gewerkt met een meer open verstrekkingenregime, waarbij de uitzonderingen op de geheimhoudingsplicht zijn uitgebreid (art. 7 Wpolg) en via art. 19 en 20 Wpolg de (ad hoc) bevoegdheden tot verstrekking van de verantwoordelijke zijn verruimd. Aldus kan de politie vanuit een meer open regime besluiten tot (structurele) verstrekking van politiegegevens aan samenwerkingsverbanden tussen politie en andere instanties en personen dan wel tot (incidentele) verstrekking aan derden (waaronder particulieren). Wat betreft de verhouding met de Wob, leidde het (gesloten) verstrekkingenregime van de Wpolr er in de jurisprudentie toe dat de Wob diende te wijken voor het regime van de Wpolr. Maar de laatste jaren is dit uitgangspunt veranderd. Overkleeft laat zien dat de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State de Wob inmiddels veel ruimer van toepassing acht op de informatievoorziening bij de politie. Deze nieuwe lijn in combinatie met het meer open verstrekkingenregime van de nieuwe Wpolg en het ontbreken daarin van een expliciete regeling voor de afbakening met de Wob, leidt tot de onzekerheid en de problematische situatie zoals hiervoor geschetst.

De consequenties van het verwaarloosde Wob-dossier tonen zich ook op een geheel ander terrein. Kwesties rondom toegang tot overheidsinformatie – bij uitstek het terrein van de Wob – zijn in onze huidige samenleving namelijk niet langer beperkt tot beslissingen over openbaarheid en vertrouwelijkheid. Toegang tot actuele, betrouwbare en kwalitatief hoogwaardige overheidsinformatie is voor onze nationale economie van groot belang. De miljarden die op het spel staan bij de overname van een bedrijf als Teleaatlas raken direct aan de kwaliteit en continue beschikbaarheid van geografische data vanuit (deels) de publieke sector. Wie beziet hoe actoren als het Ministerie van Binnenlandse Zaken, het Kadaster en de gemeenten opereren als het gaat om het beschikbaar stellen van dergelijke data, stelt vast dat grote economische belangen in de private sector momenteel volstrekt afhangen van de visie en de goedertierenheid van individuele overheidsdiensten. In feite is de markt afhankelijk van het begrotingsbeleid van de afzonderlijke overheidsinstanties. Dat ons land begin 2006 de – zeer algemene regels uit de – Europese richtlijn hergebruik van overheidsinformatie in de Wob heeft geïmplementeerd betekent geenszins dat sprake is van een eenduidig overheidsbeleid over kwesties als continue levering van overheidsinformatie, kwaliteit en actualiteit. De wetgever heeft er helaas voor gekozen de aanpassing te beperken tot de implementatie van de richtlijn. Ze heeft expliciet geen gehoor gegeven aan de wens – onder meer neergelegd in het eindrapport van mei 2004 naar aanleiding van de evaluatie van de Wob (pdf-bestand) – te komen tot een meer uitgewerkte visie op hergebruik van overheidsinformatie.

In opdracht van het Ministerie van Binnenlandse Zaken is de afgelopen jaren diverse malen nagedacht over de toekomst van de Wob en in het verlengde daarvan openbaarheid van overheidsinformatie. Als uitvloeisel verstoffen in de bureaulades van het ministerie behalve de hiervoor genoemde wetsevaluatie ook een door Van der Meulen opgesteld Voorontwerp Algemene wet overheidsinformatie (pdf-bestand) en een rechtsvergelijkende studie van Damen en Klingenberg waarin zij pleiten voor de instelling van de Informatiecommissaris. Deze figuur moet voor een mentaliteitsverandering bij overheidsorganen zorgen en burgers meer bewust maken van hun recht op overheidsinformatie. De rapporten zijn unaniem in de strekking van conclusies en voorstellen: Open de oester. Met deze veelzeggende titel voor zijn Nota uit augustus 2005 (pdf-bestand) liet kamerlid Duyvendak aan de Voorzitter van de Tweede Kamer weten dat het wat hem betreft hoog tijd was dat via onder meer aanpassing van de Wob het bestuursproces opengebroken wordt.

Vooralsnog geeft onze regering niet thuis. Actieve openbaarheid is er zelfs niet wat betreft de politieke overwegingen en andere redenen voor het gebrek aan enthousiasme, vernieuwing en daadkracht op dit dossier. Belangenconflicten tussen de twee primair betrokken ministeries zullen ongetwijfeld een rol spelen. Maar ondertussen stapelen de risico’s van de lakse houding zich op. De twee hiervoor geschetste, zeer uiteenlopende voorbeelden laten wat mij betreft zien dat de al dan niet bewuste struisvogelpolitiek op het Wob-dossier zowel op maatschappelijk maar zeer zeker ook op economisch terrein onwenselijke consequenties lijkt te gaan hebben.

Dit is een extra Vooraf dat niet in het NJB verschenen is.

Bron afbeelding: sillydog

Deel dit artikel:

{ 0 reacties }

Reageren

Vorige post:

Volgende post: