﻿<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?>
<rss version="2.0"
	xmlns:content="http://purl.org/rss/1.0/modules/content/"
	xmlns:wfw="http://wellformedweb.org/CommentAPI/"
	xmlns:dc="http://purl.org/dc/elements/1.1/"
	xmlns:atom="http://www.w3.org/2005/Atom"
	xmlns:sy="http://purl.org/rss/1.0/modules/syndication/"
	xmlns:slash="http://purl.org/rss/1.0/modules/slash/"
	>

<channel>
	<title>NJBlog &#187; Gastposts</title>
	<atom:link href="http://njblog.nl/category/gastposts/feed/" rel="self" type="application/rss+xml" />
	<link>http://njblog.nl</link>
	<description>Het weblog van het Nederlands Juristenblad.</description>
	<lastBuildDate>Fri, 03 Feb 2012 16:09:16 +0000</lastBuildDate>
	<generator>http://wordpress.org/?v=2.9.2</generator>
	<language>en</language>
	<sy:updatePeriod>hourly</sy:updatePeriod>
	<sy:updateFrequency>1</sy:updateFrequency>
			<item>
		<title>Recht, beeldvorming en media</title>
		<link>http://njblog.nl/2011/07/25/recht-beeldvorming-en-media/</link>
		<comments>http://njblog.nl/2011/07/25/recht-beeldvorming-en-media/#comments</comments>
		<pubDate>Mon, 25 Jul 2011 14:24:58 +0000</pubDate>
		<dc:creator>Redactie NJBlog</dc:creator>
				<category><![CDATA[Gastposts]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://njblog.nl/?p=4695</guid>
		<description><![CDATA[
Op 17 juli stuurde ik het onderstaande stukje naar De Volkskrant:
“Verongelijkt boekje” van Schalken verdient serieuze aandacht
Gelukkig het land waarin de vrijheid van het intellectuele debat niet aan een eetclub is voorbehouden, aldus Remco Meijer in zijn bespreking van Tom Schalkens boekje Het eetcomplot – De rechter als verdachte in het Wilders-proces (De Volkskrant, Boeken [...]]]></description>
			<content:encoded><![CDATA[<p><a class="post_image_link" href="http://njblog.nl/2011/07/25/recht-beeldvorming-en-media/" title="Link naar Recht, beeldvorming en media"><img class="post_image alignleft" src="http://staging.njblog.nl/wp-content/uploads/2008/05/kranten.jpg" width="259" height="200" alt="Afbeelding bij Recht, beeldvorming en media" /></a>
</p><p>Op 17 juli stuurde ik het onderstaande stukje naar De Volkskrant:</p>
<blockquote><p><strong>“Verongelijkt boekje” van Schalken verdient serieuze aandacht</strong></p>
<p>Gelukkig het land waarin de vrijheid van het intellectuele debat niet aan een eetclub is voorbehouden, aldus Remco Meijer in zijn bespreking van Tom Schalkens boekje Het eetcomplot – De rechter als verdachte in het Wilders-proces (De Volkskrant, Boeken Intermezzo, 16 juli 2011). Helaas heeft Meijer zelf nauwelijks gebruik gemaakt van die, ook hem toekomende, vrijheid. Zijn bespreking behelst niet alleen meer foto dan tekst, maar hij kent bovendien de feiten niet (zo stelt hij dat de eerste rechters waren gewraakt omdat zij hadden geweigerd de Arabist Jansen over het diner bij Bertus Hendriks te horen, terwijl zij de beslissing daarover in werkelijkheid slechts hadden aangehouden). En, misschien nog storender: Meijer mijdt eenvoudig iedere vorm van debat. In plaats daarvan beperkt hij zich tot stemmingmakerij en diskwalificaties. Het begint al meteen in de allereerste zin: “Na de rijdende rechter kent Nederland nu ook de rancuneuze rechter: Tom Schalken”, die “heel boos” is. “Zo boos dat hij bij de koningin zijn ontslag aanbood, teneinde als ex-magistraat zijn handen vrij te hebben eens lekker iedereen de maat te nemen. Eerst in een vlammend vraaggesprek, nu in een verongelijkt boekje”. </p>
<p>Dat Schalken in de ogen van Meijer het gelijk niet aan zijn kant heeft, zal zelfs de domste lezer al wel begrijpen. Maar wat zijn Meijers argumenten?</p>
<p>“Met twee mederaadsheren is Schalken de man achter de vervolging van PVV-leider Geert Wilders”, legt Meijer uit. “Terwijl in brede kring de opvatting heerst dat het strafrecht niet een geschikt middel is om rabiate politici van repliek te dienen, leek het de drie juristen van het hof een goed idee het onwillige Openbaar Ministerie te bevelen tot vervolging van Wilders over te gaan. Dat was in januari 2009. De afloop is bekend. Een slepende strafzaak die de belastingbetaler miljoenen heeft gekost, is geëindigd in vrijspraak van Wilders door de Amsterdamse rechtbank”.</p>
<p>Diende de strafvervolging om Wilders “van repliek te dienen”? Was het laakbaar dat het hof afweek van een opvatting die “in brede kring” heerste? Wekt het verbazing dat rechtspraak met belastinggeld wordt bekostigd (zoals ook de inkomsten van het Kamerlid Wilders met belastinggelden worden bekostigd)? Kostte die zaak werkelijk miljoenen? Heeft de belastingbetaler daar iets van gemerkt? Werd Wilders vrijgesproken omdat het strafrecht geen geschikt middel was om hem van repliek te dienen? Bevestigt de vrijspraak dat Wilders ten onrechte is vervolgd?</p>
<p>Meijer suggereert dat al deze vragen bevestigend moeten worden beantwoord. Maar suggestie geldt in een “intellectueel debat” niet als argument. In dit geval zijn de antwoorden bovendien niet echt vanzelfsprekend.</p>
<p>Schalkens “boosheid” heeft – grosso modo – twee gronden. In de eerste plaats vindt hij dat de hele eetpartij er met de haren bijgesleept was, omdat zo’n incident (ná de beklagbeslissing van het hof) onmogelijk tot niet-ontvankelijkheid van het openbaar ministerie kon leiden. Deze opvatting werd al eerder verwoord in een uitgelekte brief van een advocaat-generaal bij de Hoge Raad. Dat wil natuurlijk niet zeggen dat Schalken dus gelijk heeft, maar het zou toch interessant zijn om te weten waarom Meijer er zelfs geen melding van maakt. In de tweede plaats heeft Schalken zich geërgerd aan de omstandigheid dat hij na vijf uur wachten vervolgens vijf uur lang is ondervraagd over allerlei niet ter zake doende details, zonder dat de rechtbank ingreep. De rechtbank gaf daardoor de regie uit handen, zodat deze terechtkwam bij de ondervragende raadsman en de media. Ook hiermee kun je het eens of oneens zijn, maar in een “intellectueel debat” wekt het wel verbazing als je er, zoals Meijer, eenvoudig aan voorbij gaat. Op die manier komt hij aan de kern van Schalkens betoog niet toe: de moeizame verhouding tussen de verbale wereld van het strafrecht, die gedomineerd wordt door de gedachte van hoor en wederhoor, en beeldvorming via de media, waarin beeld en ‘tegenbeeld’ nauwelijks voorstelbaar zijn. Schalken wijst in dat verband op het baanbrekende werk van  George Lakoff (o.a. “Don’t think of an elephant”) en vreest dat de grootste fout was alles met vrije camera’s te laten registreren en rechtstreeks uit te zenden. Die stelling verdient serieuze aandacht. Dat wil niet zeggen dat er niet gelachen mag worden. Daar is niets tegen, zolang er maar niet mee wordt volstaan – zeker niet met uitlachen, zoals Remco Meijer doet.</p></blockquote>
<p>Twee dagen later kreeg ik, niet geheel onverwacht, het volgende antwoord:</p>
<blockquote><p>Geachte heer de Winter,</p>
<p>Het spijt ons uw bijdrage aan de rubriek Opinie &#038; Debat niet te kunnen plaatsen. Omdat we dagelijks   talrijke bijdragen ontvangen, zijn we niet in staat om in elk geval onze beslissing inhoudelijk toe te lichten.</p>
<p>Een stuk komt voor plaatsing op onze opiniepagina’s in aanmerking als het de aanzet geeft tot een      debat  of als het een bijdrage levert aan een lopend debat, als het een oorspronkelijke zienswijze bevat,    en als het inhoudelijk en stilistisch voldoet.  Zelfs als we een stuk zouden willen plaatsen, kan het buiten de boot vallen omdat de beperkte ruimte die ons ter beschikking staat nu eenmaal niet toelaat dat we elk bruikbaar artikel  ook metterdaad afdrukken.</p>
<p>We hopen dat onze beslissing u er niet van weerhoudt ons nog eens te benaderen.</p>
<p>Met vriendelijke groet,</p>
<p>redactie Opinie&#038;Debat<br />
de Volkskrant</p></blockquote>
<p>Het is alsof de krant erop uit was de onherroepelijkheid van beeldvorming in de media nog eens duidelijk te illustreren. Eenmaal neergezet valt het beeld niet meer omver te kegelen, ook als het aantoonbaar uit geblaas bestaat. En zelfs als het later hersteld wordt, zoals de oude Baruch (hoofdredacteur van De Waarheid) al wist: “Heel goed”, zei hij wanneer een bericht niet helemaal klopte, “morgen rectificeren we wel, maar dan heeft het zijn werk al gedaan”. </p>
<p>De verleiding om via de media te procederen wordt op die manier haast onweerstaanbaar. Of is het toeval dat de politie, het OM en de advocatuur de weg naar de pers intussen zoveel beter kennen dan rechters? De rechtszaal, waar men elkaar pleegt te laten uitspreken, stellingen gemotiveerd moeten worden en aan opgeworpen vragen niet voorbij kan worden gegaan, komt daardoor op de tocht te staan. Het debat wordt op die manier uit handen gegeven. Blijft het wel in goede handen? Hoe naïef willen we zijn?</p>
<p><em>Reiner de Winter is blogger en auteur van o.a. De Overheid, overzicht van het Nederlandse staatsrecht (Sdu, 2e druk 1994) en Zonder standpunt ben je nergens (Sdu 2008).</em></p>
<p class="creativecommons">Bron afbeelding: <a href="http://www.flickr.com/photos/piet_musterd/" target="_blank">Pieter Musterd</a></p>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://njblog.nl/2011/07/25/recht-beeldvorming-en-media/feed/</wfw:commentRss>
		<slash:comments>15</slash:comments>
		</item>
		<item>
		<title>Vrijspraak Wilders doet geen recht aan aanklacht</title>
		<link>http://njblog.nl/2011/07/18/vrijspraak-wilders-doet-geen-recht-aan-aanklacht/</link>
		<comments>http://njblog.nl/2011/07/18/vrijspraak-wilders-doet-geen-recht-aan-aanklacht/#comments</comments>
		<pubDate>Mon, 18 Jul 2011 09:40:12 +0000</pubDate>
		<dc:creator>Redactie NJBlog</dc:creator>
				<category><![CDATA[Gastposts]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://njblog.nl/?p=4692</guid>
		<description><![CDATA[
Hoewel ik alle begrip heb voor de kritiek dat het proces Wilders nooit gevoerd had mogen worden, ben ik er toch van overtuigd dat het niet zinloos is geweest. Alleen is die zin er in het proces niet uitgekomen. Logisch, omdat daarvoor de aanklacht niet in een afgebakend juridisch (straf)kader geplaatst had moeten worden, maar [...]]]></description>
			<content:encoded><![CDATA[<p><a class="post_image_link" href="http://njblog.nl/2011/07/18/vrijspraak-wilders-doet-geen-recht-aan-aanklacht/" title="Link naar Vrijspraak Wilders doet geen recht aan aanklacht"><img class="post_image alignleft" src="http://njblog.nl/wp-content/uploads/2010/09/wilders.jpg" width="270" height="179" alt="Afbeelding bij Vrijspraak Wilders doet geen recht aan aanklacht" /></a>
</p><p>Hoewel ik alle begrip heb voor de kritiek dat het proces Wilders nooit gevoerd had mogen worden, ben ik er toch van overtuigd dat het niet zinloos is geweest. Alleen is die zin er in het proces niet uitgekomen. Logisch, omdat daarvoor de aanklacht niet in een afgebakend juridisch (straf)kader geplaatst had moeten worden, maar in een wijds alomvattend bijdetijds mensenrechtenperspectief. De aanklacht ontstijgt namelijk het terrein van plaats- en tijdgebonden strafbare feiten, omdat hij meer is dan een reactie op haat zaaien en groepsbelediging. Het meer dat bepaald wordt door de ongrijpbare geest van de tijd. Daarmee bedoel ik het alom levende gevoel voor rechtvaardigheid, zoals zich dat door de jaren heen sluipenderwijs ontwikkeld heeft, dankzij het steeds grotere belang dat aan de alom onderschreven mensenrechten wordt toegedicht. Het toedichten dat bij een steeds grotere groep mensen het besef doet doordringen dat de verwerkelijking van de mensenrechten, ofwel ‘het gemeenschappelijk door alle volkeren en alle naties te bereiken ideaal’, geen moslim bashen, maar onderling respect vereist. Helaas is onderling respect niet in rechtsregels te vatten, waardoor het niet afdwingbaar is, zoals de vrijspraak van Wilders heeft bewezen. De vrijspraak die in zijn algemeenheid als onbevredigend wordt ervaren, omdat intuïtief wordt aangevoeld dat daarmee de aanklacht geen recht wordt gedaan. Enkel vaart de handhaving van de uitzichtloze status quo wel bij de uitspraak. Het kan dan ook geen verwondering wekken dat het bevoegd gezag zich goed kan vinden in de uitkomst van het proces van de eeuw. </p>
<p>Over visie gesproken bij de rechtelijke en politieke macht in onze polder anno 2011.</p>
<p class="note">Bron afbeelding: <a href="http://www.flickr.com/photos/ansonline/" target="_blank">ANS-online</a></p>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://njblog.nl/2011/07/18/vrijspraak-wilders-doet-geen-recht-aan-aanklacht/feed/</wfw:commentRss>
		<slash:comments>2</slash:comments>
		</item>
		<item>
		<title>Het Albron-arrest en het Nederlandse ambtenarenrecht</title>
		<link>http://njblog.nl/2011/05/13/het-albron-arrest-en-het-nederlandse-ambtenarenrecht/</link>
		<comments>http://njblog.nl/2011/05/13/het-albron-arrest-en-het-nederlandse-ambtenarenrecht/#comments</comments>
		<pubDate>Fri, 13 May 2011 21:47:37 +0000</pubDate>
		<dc:creator>Redactie NJBlog</dc:creator>
				<category><![CDATA[Gastposts]]></category>
		<category><![CDATA[ambtenarenrecht]]></category>
		<category><![CDATA[Europees recht]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://njblog.nl/?p=4542</guid>
		<description><![CDATA[
Op 21 oktober 2010 heeft het Europese Hof van Justitie (het Hof) antwoord gegeven op de door het Gerechtshof te Amsterdam gestelde prejudiciële vragen in het kader van de inmiddels befaamde Albron-kwestie.1 Het gerechtshof heeft in deze procedure onder meer de vraag opgeworpen of er daadwerkelijk sprake dient te zijn van een arbeidsovereenkomst tussen werknemer [...]]]></description>
			<content:encoded><![CDATA[<p><a class="post_image_link" href="http://njblog.nl/2011/05/13/het-albron-arrest-en-het-nederlandse-ambtenarenrecht/" title="Link naar Het Albron-arrest en het Nederlandse ambtenarenrecht"><img class="post_image alignleft" src="http://njblog.nl/wp-content/uploads/2011/05/gavel.jpg" width="270" height="180" alt="Afbeelding bij Het Albron-arrest en het Nederlandse ambtenarenrecht" /></a>
</p><p>Op 21 oktober 2010 heeft het Europese Hof van Justitie (het Hof) antwoord gegeven op de door het Gerechtshof te Amsterdam gestelde prejudiciële vragen in het kader van de inmiddels befaamde <a href="http://www.fnvbondgenoten.nl/mijnbranche/bedrijven/heineken/nieuws/240284_europees_hof_geeft/" target="_blank">Albron-kwestie</a>.<sup class='footnote'><a href='#fn-4542-1' id='fnref-4542-1'>1</a></sup> Het gerechtshof heeft in deze procedure onder meer de vraag opgeworpen of er daadwerkelijk sprake dient te zijn van een arbeidsovereenkomst tussen werknemer en vervreemder alvorens de werknemer een beroep kan doen op de bescherming van <a href="http://eur-lex.europa.eu/LexUriServ/LexUriServ.do?uri=CELEX:32001L0023:NL:HTML" target="_blank">Richtlijn 2001/23/EG</a> (de Richtlijn).<sup class='footnote'><a href='#fn-4542-2' id='fnref-4542-2'>2</a></sup></p>
<p>De bepaling die centraal staat in deze vraagstelling is artikel 3, eerste lid, van eerdergenoemde richtlijn. Deze luidt als volgt: </p>
<blockquote><p>“De rechten en verplichtingen welke voor de vervreemder voortvloeien uit de op het tijdstip van de overgang bestaande arbeidsovereenkomst of arbeidsbetrekking, gaan door deze overgang op de verkrijger over.” </p></blockquote>
<p>Het Hof overweegt dat bij de overgang van een tot een concern behorende onderneming naar een onderneming buiten dat concern, zoals in de Albron-kwestie, ook de tot het concern behorende onderneming waarbij de werknemers permanent zijn tewerkgesteld, zonder evenwel door een arbeidsovereenkomst aan die onderneming te zijn gebonden, als vervreemder in de zin van artikel 2, tweede lid, sub a, van de Europese richtlijn kan worden beschouwd, hoewel er binnen dat concern een onderneming bestaat waaraan de betrokken werknemers wel door een dergelijke arbeidsovereenkomst zijn gebonden.<sup class='footnote'><a href='#fn-4542-3' id='fnref-4542-3'>3</a></sup> Met andere woorden: ook de werknemers die niet contractueel zijn verbonden aan de vervreemder, maar wel permanent werkzaamheden voor vervreemder verrichten, vallen onder de richtlijn. </p>
<p>Voorts overweegt het Hof dat er voor bescherming van de richtlijn sprake dient te zijn van hetzij een arbeidsovereenkomst, hetzij, in plaats daarvan en dus als gelijkwaardig alternatief, een arbeidsbetrekking. Opvallend is dat het Hof nadrukkelijk opmerkt dat de begrippen ‘arbeidsovereenkomst’ en ‘arbeidsbetrekking’ gelijkwaardige alternatieven zijn, met als gevolg dat de formele contractsband niet zonder meer beslissend is. Deze redenering getuigt van een materiële benadering door het Hof. Aan het feitelijke werkgeverschap wordt een belangrijke rol toegedeeld. Welke band in welke situatie prevaleert, is vooralsnog niet duidelijk. De tijd zal het leren. Wel is duidelijk dat een contractuele band met de vervreemder niet in alle omstandigheden vereist is om de werknemer aanspraak te geven op de bescherming van de Europese richtlijn.<sup class='footnote'><a href='#fn-4542-4' id='fnref-4542-4'>4</a></sup></p>
<p>Op deze uitspraak voortbordurend rijst de vraag welke gevolgen de opvatting van het Hof kan hebben voor het Nederlandse ambtenarenrecht. Ambtenaren kunnen immers eveneens te maken krijgen met een overgang van onderneming. Een actueel voorbeeld zijn de plannen voor de privatisering van het openbaar vervoer in de Randstad. Hoewel deze plannen voorlopig in de koelkast zijn beland, is de discussie hieromtrent springlevend. Wellicht wordt hieraan met de uitspraak van het Hof een extra dimensie toegevoegd. </p>
<p>In de huidige situatie heeft de Europese richtlijn namelijk via een wijziging van artikel 7:662 van het Burgerlijk Wetboek vanaf 1 juli 2002 reeds enige doorwerking gekregen in de ambtelijke rechtspositie. Het is echter niet de bedoeling geweest van de wetgever om alle bij een privatisering betrokken ambtelijke medewerkers onder de afdeling ‘Rechten van de werknemer bij overgang van een onderneming’ te laten vallen, zo blijkt uit de memorie van toelichting bij de genoemde wijziging.<sup class='footnote'><a href='#fn-4542-5' id='fnref-4542-5'>5</a></sup> Volgens de wetgever blijkt uit het Collino &#038; Chiappero-arrest dat ambtenaren die onder een eigen statuut vallen niet onder de werkingssfeer van de richtlijn vallen en hierdoor dus ook niet worden beschermd.<sup class='footnote'><a href='#fn-4542-6' id='fnref-4542-6'>6</a></sup> Personen, in dienst van een openbare onderneming, vallen alleen onder de richtlijn indien zij een arbeidsovereenkomst hebben, zoals bedoeld in het Burgerlijk Wetboek.<sup class='footnote'><a href='#fn-4542-7' id='fnref-4542-7'>7</a></sup> Hierdoor wordt veruit de grootste groep ambtelijke medewerkers uitgesloten van de bescherming van artikel 3, eerste lid, van meergenoemde richtlijn. </p>
<p>Terug naar de – voor nu – fictieve privatisering van het openbaar vervoer in de Randstad. Naar het hedendaagse nationale recht zou een verkrijger van de betreffende bedrijven niet gehouden zijn de huidige werknemers met een puur ambtelijke aanstelling automatisch over te nemen bij overgang van de onderneming. Dit terwijl er van een materiële band tussen een ambtenaar en zijn werkgever – de overheid – zonder meer sprake is. </p>
<p>De uitspraak van het Hof inzake het Albron-arrest zou dus kunnen betekenen dat de wetgever op termijn opnieuw geconfronteerd wordt met strijdigheid van de Nederlandse wetgeving met richtlijn 2001/23/EG. Om dit te voorkomen dient de wet te worden aangepast om de richtlijn op correcte wijze te implementeren. Door de simpele toevoeging van de term arbeidsbetrekking in de nationale regelgeving, zullen zowel privaatrechtelijke als publiekrechtelijke arbeidsverhoudingen binnen de personele werkingssfeer van de richtlijn vallen. Hiernaast zullen er ook andere eisen moeten worden gesteld ten aanzien van het behoud van arbeidsvoorwaarden, zodat de gewezen ambtenaar zijn rechten kan behouden en dus volledig zal worden beschermd in het geval de aanstelling wordt omgezet naar een arbeidsovereenkomst. </p>
<p>Een dergelijke aanpassing sluit eveneens aan bij de thans gaande zijnde discussie over de harmonisatie van de rechtspositie van ambtenaren met die van werknemers met een arbeidsovereenkomst naar burgerlijk recht, waartoe Koser Kaya (D66) en Van Hijum (CDA) op 3 november 2010 een wetsvoorstel hebben ingediend.<sup class='footnote'><a href='#fn-4542-8' id='fnref-4542-8'>8</a></sup> Harmonisatie komt hierdoor per slot van rekening weer een stapje dichterbij. </p>
<p>Vooralsnog besluiten wij met het gegeven, dat de toekomst zal moeten uitwijzen wat het Albron-arrest concreet zal betekenen voor het ambtenarenrecht. Met andere woorden: wordt vervolgd…</p>
<p><em>Mr. Donja Hogenboom en mr. Elize P.A. Ackermans zijn als jurist werkzaam bij Van Kleef &#038; Partners, een juridisch adviesbureau gespecialiseerd in het ambtenarenrecht.</em>
<div class='footnotes'>
<div class='footnotedivider'></div>
<ol>
<li id='fn-4542-1'>HvJ EU 21 oktober 2010, <em>JAR</em> 2010/298, (<em>Albron</em>). <span class='footnotereverse'><a href='#fnref-4542-1'>&#8617;</a></span></li>
<li id='fn-4542-2'>Gerechtshof Amsterdam, 29 mei 2008, <em>JAR</em> 2008/218. <span class='footnotereverse'><a href='#fnref-4542-2'>&#8617;</a></span></li>
<li id='fn-4542-3'>HvJ EU 21 oktober 2010, <em>JAR</em> 2010/298 (<em>Albron</em>), r.o. 20. <span class='footnotereverse'><a href='#fnref-4542-3'>&#8617;</a></span></li>
<li id='fn-4542-4'>HvJ EU 21 oktober 2010, <em>JAR</em> 2010/298 (<em>Albron</em>), r.o. 23 en 24. Knipschild &#038; Fenema 2011, p. 4. <span class='footnotereverse'><a href='#fnref-4542-4'>&#8617;</a></span></li>
<li id='fn-4542-5'><em>Kamerstukken II</em>, 2000-01 27 469, p. 4-6 en 9. <span class='footnotereverse'><a href='#fnref-4542-5'>&#8617;</a></span></li>
<li id='fn-4542-6'>HvJ EU 14 september 2000, <em>JAR</em> 2000/225 (<em>Collino &#038; Chiappero</em>). <span class='footnotereverse'><a href='#fnref-4542-6'>&#8617;</a></span></li>
<li id='fn-4542-7'><em>Kamerstukken II</em>, 2000-01 27 469, p. 4. <span class='footnotereverse'><a href='#fnref-4542-7'>&#8617;</a></span></li>
<li id='fn-4542-8'><em>Kamerstukken II</em>, 2011-11, 32 550, nrs. 1-3. <span class='footnotereverse'><a href='#fnref-4542-8'>&#8617;</a></span></li>
</ol>
</div>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://njblog.nl/2011/05/13/het-albron-arrest-en-het-nederlandse-ambtenarenrecht/feed/</wfw:commentRss>
		<slash:comments>2</slash:comments>
		</item>
		<item>
		<title>Problemen met de rechtenstudie? Neem de BaMa eindelijk serieus!</title>
		<link>http://njblog.nl/2011/04/05/problemen-met-de-rechtenstudie-neem-de-bama-eindelijk-serieus/</link>
		<comments>http://njblog.nl/2011/04/05/problemen-met-de-rechtenstudie-neem-de-bama-eindelijk-serieus/#comments</comments>
		<pubDate>Tue, 05 Apr 2011 14:15:44 +0000</pubDate>
		<dc:creator>Redactie NJBlog</dc:creator>
				<category><![CDATA[Gastposts]]></category>
		<category><![CDATA[onderwijs]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://njblog.nl/?p=4466</guid>
		<description><![CDATA[
In de discussie over de aansluiting van de rechtenstudie op de togaberoepen is een van de mogelijke maatregelen nog niet besproken: het, ook binnen de juridische opleiding, daadwerkelijk invoeren van een onderscheid tussen de bachelor- en de masteropleiding. In de bachelorfase ligt het accent dan op een gedegen academische vorming in de breedste zin van [...]]]></description>
			<content:encoded><![CDATA[<p><a class="post_image_link" href="http://njblog.nl/2011/04/05/problemen-met-de-rechtenstudie-neem-de-bama-eindelijk-serieus/" title="Link naar Problemen met de rechtenstudie? Neem de BaMa eindelijk serieus!"><img class="post_image alignleft" src="http://njblog.nl/wp-content/uploads/2011/04/serieus.jpg" width="240" height="159" alt="Afbeelding bij Problemen met de rechtenstudie? Neem de BaMa eindelijk serieus!" /></a>
</p><p>In de discussie over de aansluiting van de rechtenstudie op de togaberoepen is een van de mogelijke maatregelen nog niet besproken: het, ook binnen de juridische opleiding, daadwerkelijk invoeren van een onderscheid tussen de bachelor- en de masteropleiding. In de bachelorfase ligt het accent dan op een gedegen academische vorming in de breedste zin van het woord, terwijl de master is gericht op diepgaande specialisatie. Terwijl die brede bachelor in Nederland in de afgelopen jaren echt vorm heeft gekregen, ontbreekt een togamaster die – zoals op de Amerikaanse law schools – het potentieel van de BaMa ook voor juridische opleidingen realiseert. Graag zetten wij, als rechtendocenten aan een van de University Colleges, kort uiteen hoe het invoeren van zo’n BaMa (brede bachelor gevolgd door een togamaster) bij zou kunnen dragen aan het oplossen van de door mr. Ahsmann en door de Commissie-Kortmann gesignaleerde problemen met aankomende raio’s en advocaten, en welke stappen daarvoor nodig zijn.</p>
<p><strong>De colleges en brede academische vorming</strong></p>
<p>Mr. Ahsmann <a href="http://njblog.nl/2011/02/15/het-civiel-effect-biedt-niet-wat-het-pretendeert/" target="_blank">signaleert</a>, als lector civiel recht bij de SSR, twee problemen: een kennislacune en een gebrek aan bredere academische attitude: het kunnen stellen van de juiste vragen, het komen tot de juiste antwoorden en het daarbij putten uit verschillende disciplines zoals de sociale wetenschappen en de filosofie. Het ontwikkelen van een dergelijke attitude is, in navolging van het Angelsaksische model, de <em>core business</em> van de University Colleges zoals deze in de afgelopen jaren in Nederland vorm kregen. Het Utrechtse University College en de Roosevelt Academy, het Leidse Hague University College, de Amsterdamse en Maastrichtse University colleges: zij bieden allemaal – onder de vleugels van de grote universiteiten – aan de gemotiveerde studenten intensieve, interdisciplinaire, kleinschalige en Engelstalige academische scholing. De ervaring is dat dit systeem ook extra motivatie in de hand werkt.</p>
<p>Neem de Roosevelt Academy, een van de colleges van de Universiteit Utrecht, en volgens de Elsevier Keuzevakkengids het beste college van Nederland. In het Gotisch stadhuis in Middelburg komen jaarlijks maximaal 200 studenten, waarvan tweederde Nederlands, door de selectie. Zij werken minimaal 50 uur aan telkens vier vakken met vier uur college per week. Zo’n 80% studeert in dit systeem binnen drie jaar af, tegenover zo’n 25% in de reguliere universiteiten. Het grootste deel gaat vervolgens naar het buitenland, van Cambridge en Oxford tot Hongkong, maar zij stromen ook door naar goede Nederlandse masterprogramma’s. Hoewel studenten zelf hun pakket samenstellen – van muziekgeschiedenis tot biologie – zit daar altijd in totaal een jaar pure academische vorming bij: retorica en argumentatie, onderzoeksmethoden, academisch schrijven, minimaal twee talen. Daarnaast volgen die studenten met een belangstelling voor sociale wetenschappen ook minimaal één bètavak, en een vak vanuit de geesteswetenschappen.</p>
<p>Studenten met een belangstelling voor het recht kiezen zes à acht vakken op dit gebied, met daarin telkens aandacht voor zowel positiefrechtelijke vragen als voor de metajuridica. Tijdens de 30 bijeenkomsten van het eerstejaarsvak ‘Law, Society and Justice’<sup class='footnote'><a href='#fn-4466-1' id='fnref-4466-1'>1</a></sup>, bijvoorbeeld, schrijven studenten een rechtsfilosofisch essay, een case-brief en doen zij twee tentamens met vragen als ‘wat zijn de elementen van het corpus delicti?’ en casusposities. Zij doen daarnaast ook een project over de wisselwerking tussen recht en maatschappij: een samenwerking met een advocatenkantoor, met het anti-discriminatiebureau of – zoals vorig semester – een diepgaande analyse van de bestuursrechtelijke aspecten van de zaak-Thermphos.</p>
<p>In het tweedejaarsvak ‘Principles of Private law’, om een andere voorbeeld te noemen, ligt de nadruk op contractenrecht, maar ook het familierecht, erfrecht, de onrechtmatige daad en het ondernemingsrecht komen uitgebreid aan bod. Dit wel vanuit het perspectief van de EU-ontwikkelingen, die het mogelijk maken om algemene leerstukken te bespreken zonder daarbij, met de internationale groep studenten, gebonden te zijn aan een land. Studenten doen niet alleen tentamen over het boek <em>Towards a European Civil Code</em> maar schrijven ook een uitgebreid paper.  De kleine groepen maken een-op-een begeleiding, en daarmee optimale aansluiting bij de belangstelling van de student, mogelijk. </p>
<p>Als voorbeeld van een derdejaarsvak kan dienen ‘Crime and Law Enforcement’. Hierin komen beginselen en hoofdlijnen van het straf(proces)recht uitgebreid aan de orde, maar wordt ook een handboek over de contemporaine criminologie uitgebreid behandeld. Bovendien krijgen studenten via gastcolleges en werkbezoeken een kijkje in de keuken van de strafrechtspleging. In het vak ‘Transitional Justice’ komt niet alleen een handboek internationaal strafrecht met de belangrijkste leerstukken aan bod, maar ook een boeken over waarheidscommissies en de vraag welke vorm van rechtspleging het meest bijdraagt aan stabiliteit na ernstige mensenrechtenschendingen. Weer schrijven studenten case briefs, essays, reflecties en doen zij een moot court. </p>
<p>Een University College als de Roosevelt Academy stelt studenten in staat een academische habitus te ontwikkelen. Dit maakt het natuurlijk nog niet tot juristen. Sterker nog, wij raden tijdens open dagen scholieren met een puur juridische belangstelling altijd aan om zich elders te vervoegen. Wel zijn er ieder jaar – gelukkig! – tien tot twintig afstudeerders die tijdens hun opleiding een diepe belangstelling voor het recht ontwikkelen en hiermee verder willen. Zij volgen extra zomercursussen, schrijven een juridische scriptie, lopen stage en willen graag een juridische master doen. Waar deze studenten naar het buitenland gaan is er geen probleem: De LLM programma’s en de law schools zijn gewend aan liberal arts and sciences opleidingen, en zien de toegevoegde waarde ervan. In Nederland ligt dit – alleen bij rechten!<sup class='footnote'><a href='#fn-4466-2' id='fnref-4466-2'>2</a></sup> – ingewikkelder. Onze oud-studenten moeten, willen zij een master met civiel effect doen, vaak ruim een jaar schakelen en vakken volgen in een lager tempo en onder het niveau dat zij gewend zijn.</p>
<p><strong>Een togamaster</strong></p>
<p>De colleges leveren dus de academisch gevormde alumni af waarnaar de rechters- en de advocatenopleidingen zoeken: breed gevormde, sterk gemotiveerde studenten die gewend zijn om heel hard te werken. Dat maakt ze uiteraard nog niet tot juristen. Hiervoor is het nodig om, om het BaMa model ook hier te realiseren, een volwaardige togamaster in te voeren naar het model van de Angelsaksische law schools. In zo’n tweejarig opleiding zouden de studenten de belangrijkste leerstukken van het Nederlands recht bestuderen, inclusief jurisprudentie en ondersteunende vakken als rechtsvergelijking en beroepsethiek. Dit kan enerzijds op dezelfde leest als op de Colleges: selectie aan de poort, bijzonder intensief en kleinschalig onderwijs met de nadruk op continuous assessment. Anderzijds zou hier de vorming tot jurist centraal moeten staan met de nadruk op een gedegen vakkennis en specifiek juridische vaardigheden, maar ook het schrijven in  behoorlijk Nederlands!</p>
<p>Wanneer onze studenten, maar ook de afgestudeerden van de andere colleges, zo’n master zouden kunnen volgen dan zou dit niet alleen eindelijk het potentieel van de BaMa ook voor de rechtenopleiding waarmaken. Het zou er ook zomaar toe kunnen leiden dat mr. Ahsmann over een paar jaar in haar colleges meer studenten treft die daadwerkelijk over alle benodigde kennis én academische vaardigheden beschikken. </p>
<p><em>Prof. dr. P.C. Ippel, prof. dr. B.M. Oomen en prof. dr. G.J.H. van Hoof doceren allen rechten aan de Roosevelt Academy (Universiteit Utrecht).</em>
<div class='footnotes'>
<div class='footnotedivider'></div>
<ol>
<li id='fn-4466-1'>Dit is het vak dat F. Bruinsma destijds aan het University College Utrecht doceerde en dat – in combinatie met zijn werk aan de UU – hem inspireerde tot het artikel ‘De ondraaglijke lichtheid van de rechtenstudie’. <span class='footnotereverse'><a href='#fnref-4466-1'>&#8617;</a></span></li>
<li id='fn-4466-2'>Ter vergelijking: er zijn inmiddels drie medische masters, de SUMMA-opleidingen, die open staan voor studenten met een liberal arts and sciences background en deze selecteren met een ingangstoets. <span class='footnotereverse'><a href='#fnref-4466-2'>&#8617;</a></span></li>
</ol>
</div>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://njblog.nl/2011/04/05/problemen-met-de-rechtenstudie-neem-de-bama-eindelijk-serieus/feed/</wfw:commentRss>
		<slash:comments>0</slash:comments>
		</item>
		<item>
		<title>Vrij onverveerd; een Nederlandse crime fighter in Kosovo</title>
		<link>http://njblog.nl/2011/01/03/vrij-onverveerd-een-nederlandse-crime-fighter-in-kosovo/</link>
		<comments>http://njblog.nl/2011/01/03/vrij-onverveerd-een-nederlandse-crime-fighter-in-kosovo/#comments</comments>
		<pubDate>Mon, 03 Jan 2011 13:20:10 +0000</pubDate>
		<dc:creator>Redactie NJBlog</dc:creator>
				<category><![CDATA[Gastposts]]></category>
		<category><![CDATA[internationaal recht]]></category>
		<category><![CDATA[internationaal strafrecht]]></category>
		<category><![CDATA[interview]]></category>
		<category><![CDATA[Sander Agterhuis]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://njblog.nl/?p=4210</guid>
		<description><![CDATA[
Interview met Johan van Vreeswijk, hoofdaanklager voor EULEX.
Waarschijnlijk is hij de enige Nederlandse Officier van Justitie met een aan hem gewijde Facebookpagina. Johan van Vreeswijk, hoofdaanklager voor EULEX, de Europese Rule of Law missie in Kosovo, is sinds hij een strafrechtelijk onderzoek begon naar de van corruptie verdachte minister van Transport onverminderd populair bij een [...]]]></description>
			<content:encoded><![CDATA[<p><a class="post_image_link" href="http://njblog.nl/2011/01/03/vrij-onverveerd-een-nederlandse-crime-fighter-in-kosovo/" title="Link naar Vrij onverveerd; een Nederlandse crime fighter in Kosovo"><img class="post_image alignleft" src="http://njblog.nl/wp-content/uploads/2011/01/vanvreeswijk.jpg" width="200" height="271" alt="Afbeelding bij Vrij onverveerd; een Nederlandse crime fighter in Kosovo" /></a>
</p><p><em>Interview met Johan van Vreeswijk, hoofdaanklager voor EULEX.</em></p>
<p>Waarschijnlijk is hij de enige Nederlandse Officier van Justitie met een aan hem gewijde Facebookpagina. Johan van Vreeswijk, hoofdaanklager voor EULEX, de Europese Rule of Law missie in Kosovo, is sinds hij een strafrechtelijk onderzoek begon naar de van corruptie verdachte minister van Transport onverminderd populair bij een groot gedeelte van de Kosovaarse bevolking. “Deze minister had de bijnaam ‘Minister zeven procent’. Zijn voorganger ‘Minister vier procent’. Deze bijnamen betekenen dat van elk afgesloten contract vier of zeven procent van de waarde van het contract werd ‘gemanipuleerd’. Je kunt je wel voorstellen dat het bij de aanleg van de snelweg van Kosovo naar Albanië, een project ter waarde van 700 miljoen, al om een substantieel bedrag gaat dat uit de staatskas verdwijnt. Het woord ‘minister’ heb ik daarom hier nog maar eens uitgelegd. Het komt uit het Latijn en betekent ‘dienaar, dienaar van het volk’,” aldus Van Vreeswijk. </p>
<p>De Nederlander kreeg door het onderzoek zoveel publiciteit dat de belangrijkste wandelpromenade van de Kosovaarse hoofdstad Pristina tijdelijk is omgedoopt in de ‘Van Vreeswijk Boulevard.’ Toch blijkt Van Vreeswijk nog genoeg realiteitszin te bezitten: “Het is moeilijk te duiden dat volgens de voorlopige uitslag van de verkiezingen twee weken geleden juist deze minister veel voorkeur stemmen heeft gekregen.” De minister in kwestie, Fatmir Limaj, is actief geweest voor het Kosovaarse bevrijdingsleger aan het einde van de jaren negentig. “De uit deze beweging voortgekomen politieke partij PDK kan ondanks de corruptieschandalen nog steeds ook op de steun van de een gedeelte van de bevolking rekenen.”</p>
<p>Op weg door de besneeuwde straten van Pristina naar het hotel waar het interview plaatsvindt, rijdt er langzaam een grote blauwe terreinauto voorbij. Van Vreeswijk wordt aangesproken door de passagier en krijgt vanuit het geopende raam een grote envelop aangereikt. Het blijkt de inlichtingendienst van EULEX te zijn met informatie over een zaak waaraan Van Vreeswijk werkt. “Soms zijn de zaken zo gevoelig dat het nodig is dat ik de informatie persoonlijk krijg overhandigd,” legt de Nederlander uit. Ook als het gaat om collega’s moet Van Vreeswijk soms tot actie overgaan. “Er is een onderzoek gaande met betrekking tot een lokale deskundige die valse verklaringen opstelt over onderlinge afrekeningen. Iets waar deze collega kennelijk ook ruim voor wordt betaald. Het onderzoek in dit soort zaken is vaak moeilijk omdat getuigen nauwelijks bereid belastende verklaringen af te leggen. De afrekeningen vinden vaak plaats op commandoachtige wijze met de loop van een pistool in de mond als het gaat om slapende mensen of het van twee kanten beschieten van een auto met kalasjnikovs. Alleen als de getuigen er genoeg van hebben gekregen werken ze soms mee, maar dan alleen nog op basis van anonimiteit,” weet Van Vreeswijk.</p>
<p>In het hotel vlak bij zijn kantoor in Pristina vertelt Van Vreeswijk hoe hij in Kosovo is terechtgekomen. “Ik leef graag grenzeloos en ben tegelijkertijd iemand die grenzen stelt. In Nederland was het mij allemaal wat benauwd geworden en hier heb ik het idee dat ik een bijdrage kan leveren aan het land en aan de bevolking terwijl in Nederland al veel dingen gewoon goed geregeld zijn,” stelt Van Vreeswijk. De Nederlandse officier van justitie is sinds april 2008 actief voor EULEX in het jongste Balkanland. Naast Van Vreeswijk is er ook nog een Nederlandse rechter werkzaam in het arrondissement Pristina. Van Vreeswijk zou eerst in de etnische verdeelde stad Mitrovica worden geplaatst. Vanwege de gevoeligheden in deze stad ging dit echter niet door en kwam de Nederlander in Gjilan terecht; een gedeelte van Kosovo waar de etnische spanningen tussen de Servische minderheid en de Kosovaarse Albanezen veel minder zijn. “In het begin hield ik bezig met capaciteitsopbouw, het ontwerpen van werkinstructies en modellen en de selectie van lokale rechterlijke ambtenaren.” Daarna heeft Van Vreeswijk snel carrière gemaakt en hij is sinds juni 2010 hoofdaanklager van de EULEX in Kosovo. In die hoedanigheid is hij verantwoordelijk voor de aansturing van 125 mensen op zeven lokaties. “Ik zet me graag in voor de bevolking die voor het overgrote deel uit eerlijke en rechtschapen mensen bestaat die door een kleine groep mensen met financiële en andere middelen worden uitgebuit.”</p>
<p>Afgelopen zomer nam de Nederlander in een interview met een Kosovaars dagblad geen blad voor de mond. Van Vreeswijk gaf in het gesprek met de journalist aan dat elke persoon die betrokken is bij de georganiseerde criminaliteit en corruptie moet gaan zweten. Niet iedereen nam hem dit in dank af. “Ik ben er van geschrokken dat hier alles uit de kast wordt gehaald om je zwart te maken. Er is er geprobeerd om mij in een kwaad daglicht te stellen door te beweren dat ik in Nederland als officier van justitie een ernstige fout zou hebben gemaakt en daarom maar naar het buitenland zou zijn gegaan. Klinkklare onzin,” aldus Van Vreeswijk. Ook is de Nederlander betrokken geweest bij een schietincident in een gebied in het zuiden van Kosovo waar EULEX weinig populariteit geniet. Van Vreeswijk heeft daarna persoonlijk beveiliging gekregen. “Op een avond wilde ik uit eten gaan in een restaurant. We merkten dat we gevolgd werden zelfs tot in het restaurant. Ook toen we daarop besloten naar een andere eetgelegenheid te gaan, kwamen ze gewoon achter me aan. Ik houd er absoluut niet van om zo te moeten werken. Zodra het enigszins mogelijk was heb ik daarom gevraagd of de beveiliging kon worden opgeheven. Ik ben een vrije burger en wil ook toegankelijk blijven. Gelukkig kan ik tegen een stootje en ben ik niet bang voor intimidatie. Als Nederlander laat ik me in deze situatie graag inspireren door het Wilhelmus: vrij onverveerd,” zegt Van Vreeswijk.</p>
<p>Ook binnen de Brusselse diplomatie en het diplomatieke corps in Pristina wordt de uitgesprokenheid van Van Vreeswijk niet altijd gewaardeerd. “Ik ben initiatiefrijk en wil graag dingen gedaan krijgen. De Europese belastingbetaler is veel geld kwijt aan de missie van de EU in Kosovo en de missie is dan ook verplicht om resultaten af te leveren.” Als voorbeeld noemt van Vreeswijk de situatie in het noorden van Kosovo, dat bewoond wordt door Serviërs maar waar EULEX nog weinig voet aan de grond heeft gekregen. “Graag zou ik hebben dat ook daar het recht zegeviert en criminelen niet vrijuit gaan. Het is daarom zaak dat er ook daadwerkelijk succes wordt behaald en ook daar een aantal mensen worden vervolgd. Helaas stelt Brussel zich op het standpunt dat ook Belgrado hier toestemming voor moet geven. Dat vind ik jammer want het recht in zowel Kosovo als Servië is grotendeels identiek, dus vanuit materieelrechtelijk oogpunt is het geen enkel probleem om tot actie over te gaan.”</p>
<p>In zijn loopbaan in Nederland was Van Vreeswijk vooral gefascineerd door de menselijke emotie. Als advocaat werkzaam in de sector van de gefinancierde rechtshulp hield hij zich vooral bezig met dossiers waarin emoties een rol speelden, zoals het strafrecht en familierecht. Later specialiseerde hij zich verder in het strafrecht als officier van justitie in Den Bosch. Ook in Kosovo kan Van Vreeswijk wat dat betreft zijn ei kwijt en maakt hij gebruik van de culturele verschillen. Zo verhaalt hij over een zaak in Gjilan: “Op de eerste viering van de Onafhankelijkheidsdag in Kosovo was een meningsverschil uit de hand gelopen met uiteindelijk een dodelijke afloop voor één van betrokkenen. In mijn pleidooi heb ik toen zowel de emoties van de familie van het slachtoffer als van de dader benoemd met als gevolgd dat ik de zaal vol mensen mee kreeg. Belangrijk was om in deze zaak recht te doen aan de emoties van de familie van het slachtoffer én van de dader en zijn familieleden.”</p>
<p>Van Vreeswijk geeft aan graag te willen blijven in Kosovo: “Zolang ik een bijdrage kan leveren aan een verbetering van de levensomstandigheden van de inwoners van Kosovo blijf ik hier. Voorwaarde is wel dat de politieke omstandigheden zodanig zijn dat ik ongehinderd mijn werk als officier van justitie kan blijven doen.”</p>
<p class="note">Sander Agterhuis studeerde Nederlands en Internationaal Recht aan de UvA en is werkzaam als onderzoeksjournalist. Dit interview is op 14 december afgenomen in Kosovo.</p>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://njblog.nl/2011/01/03/vrij-onverveerd-een-nederlandse-crime-fighter-in-kosovo/feed/</wfw:commentRss>
		<slash:comments>0</slash:comments>
		</item>
		<item>
		<title>Tijdens het proces Wilders…</title>
		<link>http://njblog.nl/2010/10/06/tijdens-het-proces-wilders%e2%80%a6/</link>
		<comments>http://njblog.nl/2010/10/06/tijdens-het-proces-wilders%e2%80%a6/#comments</comments>
		<pubDate>Tue, 05 Oct 2010 23:46:55 +0000</pubDate>
		<dc:creator>Ybo Buruma</dc:creator>
				<category><![CDATA[Gastposts]]></category>
		<category><![CDATA[Geert Wilders]]></category>
		<category><![CDATA[Ybo Buruma]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://njblog.nl/?p=3977</guid>
		<description><![CDATA[
Natuurlijk heeft heeft Afshin Ellian een punt als hij zich op zijn Elsevierblog verbaast over het feit dat ik tijdens het Wildersproces dingen in de media zeg over dat proces. Ik probeer dat echter in voorlichtende zin te doen.
Als ik bijvoorbeeld bij de NOS uitleg hoe het zit met de wraking dan vertel ik niet [...]]]></description>
			<content:encoded><![CDATA[<p><a class="post_image_link" href="http://njblog.nl/2010/10/06/tijdens-het-proces-wilders%e2%80%a6/" title="Link naar Tijdens het proces Wilders…"><img class="post_image alignleft" src="http://njblog.nl/wp-content/uploads/2010/09/wilders.jpg" width="270" height="179" alt="Afbeelding bij Tijdens het proces Wilders…" /></a>
</p><p>Natuurlijk heeft heeft Afshin Ellian een punt als hij zich <a href="http://www.elsevier.nl/web/Opinie/Afshin-Ellian/277585/Een-partijdige-rechter-en-hoogleraar-Buruma.htm" target="_blank">op zijn Elsevierblog</a> verbaast over het feit dat ik tijdens het Wildersproces dingen in de media zeg over dat proces. Ik probeer dat echter in voorlichtende zin te doen.</p>
<p>Als ik bijvoorbeeld <a href="http://nos.nl/video/189154-ybo-buruma-over-het-zwijgrecht.html" target="_blank">bij de NOS</a> uitleg hoe het zit met de wraking dan vertel ik niet alleen dat ik de aanleiding wat mager vond, maar ook dat ik me kan voorstellen dat dit moment – midden in de formatie – voor de verdachte erg slecht uitkomt. Later op de radio (Oog op morgen) heb ik daar nog aan toegevoegd dat ik me zelfs kon voorstellen dat de verdediging een punt maakt van de berechting in Amsterdam, waar immers door het Hof van hetzelfde ressort de vervolging is bevolen. Dat dit nu eenmaal ons wettelijk systeem is, doet er niet aan af dat ik eigenlijk al eerder had verwacht dat de raadsman naar aanleiding daarvan met een beroep op de in art. 6 EVRM vereiste onafhankelijkheid een wrakingsverzoek zou doen.</p>
<p>Anders dan Elian wil ik de rechters geen advies geven en al helemaal niet over de te verwachten uitkomst speculeren. Dat neemt niet weg dat er best is uit te leggen wat de juridische kwestie is: vrijheid van meningsuiting en wel zeker voor de politicus tegenover wettelijke grenzen aan die vrijheid en ook Kamerleden en andere hoge mensen moeten zich aan die wetelijke grenzen houden. De vraag bij de rechter is nu waar die grenzen liggen. Als Elian als columnist een lans breekt voor de vrije meningsuiting is dat  uitstekend. Als hij in geval van een veroordeling – we weten het niet wat er komt – achteraf kritiek heeft, is dat ook uitstekend. Mijn kritiek zit hem erin dat in het Pers-stuk de indruk werd gewekt dat het wetenschappelijk wel vast staat wat er moet gebeuren. Dat is niet zo en dat brengt de rechter in een ongemakkelijke positie.</p>
<p>En mede aan het adres van al die soms erg kras schrijvende e-mailers die menen dat ik moet vermelden dat ik een PvdA-hoogleraar ben, wil ik toch opmerken dat die stelling onzin is. Je kunt zeggen dat ik het verkeerd doe, maar dat heeft niets met de PvdA te maken. Hun mails illustreren wel dat Wilders namens een deel van zijn kiezers sprak toen hij de rechter vergeleek met een D’66-kamerlid. Ik vind dat erg, want het betekent dat van die kant gedacht wordt dat de professionaliteit van de professor of de rechter niet meer zelfstandig wordt gewaardeerd (of afgekeurd), maar afhankelijk wordt van al dan niet terecht toegeschreven politieke voorkeuren. Het is erg als mensen zich niet meer in hun rechter herkennen. Het is erg als ze niet begrijpen dat bepaalde uitspraken van een professor waar of niet waar zijn.</p>
<p>Het is bijvoorbeeld waar dat het niet vaak voorkomt dat de rechter wordt verzocht en brief van een deskundige ter zitting geheel voor te lezen. En zelfs een oordeel dienaangaande kan dan nog meer of minder geinformeerd zijn: dat kost veel tijd en het is het wettelijk goede recht van de verdachte. Het is akelig als die waarheid aan het oog wordt onttrokken bijvoorbeeld door de boosheid over de aanduiding van kamerlid Wilders als verdachte. Maar als zo’n mededeling wordt geplaatst in de sleutel van PvdA of niet-PvdA dan gaat het kennelijk niet meer om de waarheid van uitspraken maar om het etiketteren van personen.</p>
<p class="note">Deze post is ook verschenen op <a href="http://blogs.jur.ru.nl/yboburuma/" target="_blank">Buruma blogt</a>.</p>
<p class="note">Bron afbeelding: <a href="http://www.flickr.com/photos/ansonline/" target="_blank">ANS-online</a></p>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://njblog.nl/2010/10/06/tijdens-het-proces-wilders%e2%80%a6/feed/</wfw:commentRss>
		<slash:comments>1</slash:comments>
		</item>
		<item>
		<title>De rechter zal spreken over Wilders</title>
		<link>http://njblog.nl/2010/09/28/de-rechter-zal-spreken-over-wilders/</link>
		<comments>http://njblog.nl/2010/09/28/de-rechter-zal-spreken-over-wilders/#comments</comments>
		<pubDate>Tue, 28 Sep 2010 11:20:37 +0000</pubDate>
		<dc:creator>Ybo Buruma</dc:creator>
				<category><![CDATA[Gastposts]]></category>
		<category><![CDATA[strafrecht]]></category>
		<category><![CDATA[uitingsvrijheid]]></category>
		<category><![CDATA[Wilders]]></category>
		<category><![CDATA[Ybo Buruma]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://njblog.nl/?p=3945</guid>
		<description><![CDATA[
Helemaal gelukkig ben ik niet met de voorbeschouwing in De Pers over de zaak Wilders. De vier professoren die het woord voeren, De Roos, Sackers, Zwart en Ellian, lijken het erover eens dat vervolging niet juist is. Dat mogen ze vinden: de vrijheid van meningsuiting van een politicus is een groot goed dat het verdedigen [...]]]></description>
			<content:encoded><![CDATA[<p><a class="post_image_link" href="http://njblog.nl/2010/09/28/de-rechter-zal-spreken-over-wilders/" title="Link naar De rechter zal spreken over Wilders"><img class="post_image alignleft" src="http://njblog.nl/wp-content/uploads/2010/09/wilders.jpg" width="270" height="179" alt="Afbeelding bij De rechter zal spreken over Wilders" /></a>
</p><p>Helemaal gelukkig ben ik niet met de <a href="http://www.depers.nl/binnenland/511031/Spreek-Wilders-vrij.html" target="_blank">voorbeschouwing in De Pers</a> over de zaak Wilders. De vier professoren die het woord voeren, De Roos, Sackers, Zwart en Ellian, lijken het erover eens dat vervolging niet juist is. Dat mogen ze vinden: de vrijheid van meningsuiting van een politicus is een groot goed dat het verdedigen waard is. Ik vind iets anders: zelfs een politicus moet zich aan de wet houden en wij hebben nu eenmaal een strafbepaling die haat zaaien verbiedt. Het Europese Hof voor de Rechten van de Mens vond dat de veroordeling wegens haat zaaien van de politici Le Pen (Frankrijk), Feret (Belgie) en Norwood (UK) aanvaardbaar was vanuit het oogpunt van de vrije meningsuiting. Elders schreef ik dat echte democraten vermoedelijk tegen vervolging zijn (het publieke debat moet vrij zijn; ‘je geeft hem stemmen’) en echte verdedigers van de rechtstaat voor (‘minderheden verdienen wettelijke bescherming’).</p>
<p>In het artikel roepen de professoren de rechter op Wilders vrij te spreken. Dat is hachelijker. In Nederland is de regel dat een zaak die onder de rechter is niet zou mogen worden besproken, eigenlijk dood. Ik bezondig me zelf ook wel eens aan overtreding ervan. En ik vind het al helemaal niet erg als een actiegroep of een columnist roept dat de vrijheid van meningsuiting belangrijker is dan het verbod op haatzaaien of de groepsbelediging. Maar hoogleraren die publiekelijk een uitspraak doen leggen daarmee een waarheidsclaim op tafel. “Zo is het en niet anders”. Misschien ben ik wat ouderwets, maar ik vind de stelling van een hoogleraar meer dan een mening.</p>
<p>De uitkomst van het rechterlijk oordeel is ongewis. De rechters die zich over de zaak buigen kennen beter dan het gewone publiek de rechtspraak over groepsbelediging (art. 137c WSr). Als hoogleraar kun je zeggen dat de kans groot is – nooit zeker – dat rechters die in lijn met de Hoge Raad redeneren tot een vrijspraak komen. Maar diezelfde rechters weten ook dat de rechtspraak over haat zaaien en tot discriminatie oproepen minder duidelijk is. Als hoogleraar kun je dan zeggen dat je benieuwd bent wat de rechters gaan doen.</p>
<p>Dat er een belangrijk verschil is, kan als volgt worden uitgelegd. Bij groepsbelediging is de kern dat de spreker iets zegt over moslims. Dat kan tot opwinding bij de moslims leiden. Bij haat zaaien is de kern dat de spreker zich tot zijn kiezers en tot anderen wendt met een mededeling over moslims. Dat kan tot opwinding bij die kiezers leiden. Vanuit het oogpunt van openbare orde handhaving zijn dit dus twee verschillende delicten. ‘Maak je moslims verdrietig’ is een andere vraag dan ‘maak je niet-moslims vijandiger ten aanzien van moslims’. Als man van de rechtstaat wil ik eigenlijk wel graag weten hoe ver een politicus mag gaan in het werven en ophitsen van (potentiele) kiezers.  </p>
<p>Nogmaals: iedereen mag er iets van vinden dat Wilders wordt vervolgd. Maar de vier hoogleraren die overigens ook heel verstandige dingen opmerken wekken een al te stellige indruk. Het vervelende van dit artikel is dat de rechter die niet tot vrijspraak besluit nu in de ogen van het grotere publiek daarmee lijkt af te wijken van wat ‘de wetenschap’ te melden heeft. En oh ja, als ik in het voorgaande een even stellige maar anders gerichte indruk wek, dan ben ik niet geslaagd in mijn wens. Die wens is dat wij, geleerden, de rechter nu eerst de kans geven zijn werk te doen.</p>
<p class="note">Deze post is ook verschenen op <a href="http://blogs.jur.ru.nl/yboburuma/" target="_blank">Buruma blogt</a>.</p>
<p class="creativecommons">Bron afbeelding: <a href="http://www.flickr.com/photos/ansonline/" target="_blank">ANS-online</a></p>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://njblog.nl/2010/09/28/de-rechter-zal-spreken-over-wilders/feed/</wfw:commentRss>
		<slash:comments>3</slash:comments>
		</item>
		<item>
		<title>Ook de Statianen hebben het recht om gehoord te worden</title>
		<link>http://njblog.nl/2010/08/30/ook-de-statianen-hebben-het-recht-om-gehoord-te-worden/</link>
		<comments>http://njblog.nl/2010/08/30/ook-de-statianen-hebben-het-recht-om-gehoord-te-worden/#comments</comments>
		<pubDate>Mon, 30 Aug 2010 15:00:08 +0000</pubDate>
		<dc:creator>Redactie NJBlog</dc:creator>
				<category><![CDATA[Gastposts]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://njblog.nl/?p=3875</guid>
		<description><![CDATA[
Een voor 3 september gepland referendum op Bonaire over de constitutionele hervormingen van het Koninkrijk werd op het laatste moment voor onbepaalde tijd uitgesteld. In mei 2009 werd wel een referendum georganiseerd op Curaçao. Wanneer is het woord aan de bevolking van Sint Eustatius, het eiland dat als enige officieel verzet aantekende tegen gevolgen van [...]]]></description>
			<content:encoded><![CDATA[<p><a class="post_image_link" href="http://njblog.nl/2010/08/30/ook-de-statianen-hebben-het-recht-om-gehoord-te-worden/" title="Link naar Ook de Statianen hebben het recht om gehoord te worden"><img class="post_image alignleft" src="http://njblog.nl/wp-content/uploads/2010/08/statianen.jpg" width="267" height="200" alt="Afbeelding bij Ook de Statianen hebben het recht om gehoord te worden" /></a>
</p><p><em>Een voor 3 september gepland referendum op Bonaire over de constitutionele hervormingen van het Koninkrijk werd op het laatste moment voor onbepaalde tijd uitgesteld. In mei 2009 werd wel een referendum georganiseerd op Curaçao. Wanneer is het woord aan de bevolking van Sint Eustatius, het eiland dat als enige officieel verzet aantekende tegen gevolgen van de hervormingen?</em></p>
<p>Vanaf 10 oktober zal het land ‘Nederlandse Antillen’ alleen nog een herinnering zijn. Curaçao en Sint Maarten krijgen een status aparte, vergelijkbaar met de status van Aruba. Bonaire, Sint Eustatius en Saba (de ‘BES-eilanden’) worden voorlopig openbare lichamen en zullen integreren in Nederland. Over vijf jaar wordt deze status geëvalueerd. </p>
<p>Een van de gevolgen hiervan is dat de BES-eilanden deel gaan uitmaken van de Nederlandse rechtsorde. Aanvankelijk leek dit weinig problematisch. Toen de regering de <em>Aanpassingswet openbare lichamen Bonaire, Sint Eustatius en Saba</em> indiende bij de Staten-Generaal was het uitgangspunt helder: om het proces soepel te laten verlopen zou de Antilliaanse wetgeving voorlopig blijven gelden. Geleidelijk zou deze worden vervangen door Nederlandse wetgeving, al kan een uitzondering worden gemaakt op terreinen waarop de eilanden zich wezenlijk onderscheiden van de rest van Nederland. Dit komt overeen met de afspraken die in 2006 zijn gemaakt met de BES-eilanden. </p>
<p>Maar er ontstond commotie toen Kamerleden van Gent (GroenLinks) en Remkes (VVD) een amendement op het wetsvoorstel indienden om te verzekeren dat euthanasie, abortus en het homohuwelijk na 10 oktober ook in de Caribische delen van Nederland mogelijk worden. Na overleg werd besloten om een voorbereidingstermijn in acht te nemen. De Sabanen, Bonairianen en Statianen hebben na 10 oktober twee jaar de tijd om aan de invoering van homohuwelijk en euthanasie te wennen. Een wettelijke regeling inzake abortus zal binnen één jaar worden ingevoerd. De overgrote meerderheid van zowel de Tweede als Eerste Kamer stemde in met het amendement. Daarop nam de Eilandsraad van Sint Eustatius een motie aan tegen de invoering van deze ‘antisociale wetten’. </p>
<p>Los van de vraag of invoering van controversiële wetgeving niet in strijd is met eerder gemaakte afspraken legt de commotie een pijnlijk defect bloot: de Statiaanse bevolking heeft nooit ingestemd met integratie in een land dat duizenden kilometers verderop ligt en er totaal andere mores op nahoudt. </p>
<p>Tussen 2000 en 2005 werden referenda georganiseerd op alle Antilliaanse eilanden. Als enigen stemden de Statianen voor behoud van de Nederlandse Antillen. Sint Maarten en Curaçao vroegen en kregen eenzelfde status als Aruba: land binnen het Koninkrijk. Bonaire en Saba stemden voor hechtere constitutionele banden met Nederland. Hoewel destijds nog volledig onduidelijk was wat dit zou gaan inhouden, zou beargumenteerd kunnen worden dat ook Bonaire en Saba hebben gekregen waar zij om vroegen – al zijn zeker ook hier kanttekeningen bij te plaatsen.</p>
<p>Onder grote politieke druk ging de Eilandsraad van Sint Eustatius overstag en opteerde voor het onvermijdelijke: ontmanteling van de Nederlandse Antillen en een hechtere constitutionele band met Nederland. Maar nu hangt de aanvankelijke onwil van de Statianen als een zwaard van Damocles boven het integratieproces. Dit bleek des te meer toen Eilandraadslid Reginald Zaandam begin april in de Tweede Kamer pleitte voor een Statiaans referendum vóór 10 oktober. De reacties van de aanwezige Kamerleden varieerden van verbazing tot een zekere korzeligheid. Van Gent kwalificeerde de eis als een duveltje uit een doosje.</p>
<p>Zaandam blijft echter zijn onvrede over de gang van zaken kenbaar maken. Op 20 augustus stemde hij als vertegenwoordiger van Sint Eustatius in het Antilliaanse parlement, de Staten, tegen de Statuutwijziging die ontmanteling van de Nederlandse Antillen mogelijk maakt. Ook een Statenlid uit Bonaire en twee uit Curaçao stemden tegen, maar het wijzigingsvoorstel werd uiteindelijk met een meerderheid van zeventien leden aangenomen. </p>
<p>De tegenstem van de Statianen zorgt dus voor onrust in het integratieproces van de BES-eilanden. Er is echter een ander, fundamenteler, probleem: het onthouden van de mogelijkheid aan de Statianen om vrijelijk hun politieke toekomst te bepalen is in strijd met het internationale dekolonisatierecht.</p>
<p>Het internationale gewoonterecht, mede ingevuld door belangrijke VN-resoluties, alsmede internationale burgerrechtenverdragen, verplichten het Koninkrijk der Nederlanden om het zelfbeschikkingsrecht in acht te nemen. Dit houdt in dat een (voormalige) kolonie pas wordt verondersteld zelfbesturend te zijn wanneer de bevolking vrijelijk zijn politieke toekomst heeft bepaald. Met name wanneer een entiteit niet volledig onafhankelijk wordt dient met argusogen bekeken te worden of de wens van de bevolking wordt vervuld. </p>
<p>Al sinds de totstandkoming van het Statuut van het Koninkrijk in 1954 is menigmaal kritisch gevraagd of recht is gedaan aan het zelfbeschikkingsrecht van de Koninkrijksbevolking in de Caraïben. Nooit is in een bindend referendum gevraagd welke status zij prefereren. Hier wordt vaak tegen ingebracht dat eventuele ontevredenheid over het Statuut nooit heeft geleid tot heftige protesten van Antilliaanse zijde. Dat kan zo zijn, maar het blijft twijfelachtig of het Koninkrijk der Nederlanden heeft voldaan aan zijn internationale verplichtingen met betrekking tot het zelfbeschikkingsrecht van de Caribische rijksdelen. </p>
<p>In referenda die zijn gehouden tussen 2000 en 2005 heeft de meerderheid van de bevolking van de Nederlandse Antillen vóór ontmanteling van dat land gestemd. Is daarmee voldaan aan het zelfbeschikkingsrecht?</p>
<p>Nee. Er is namelijk een complicerende factor. Sinds 1973 erkennen de afzonderlijke eilanden van de Nederlandse Antillen elkaars zelfbeschikkingsrecht. Hoewel met enige onwil doet ook Nederland dat sinds 1981. Deze erkenning was internationaalrechtelijk niet verplicht. Het non-disruptiebeginsel bepaalt namelijk dat de grenzen van de voormalige kolonie maatgevend zijn voor de vraag wie recht heeft op zelfbeschikking. Volgens internationaal recht zou het zelfbeschikkingsrecht dus toekomen aan de gehele bevolking van de Nederlandse Antillen. Dat dit geen wet is van Meden en Perzen blijkt onder andere uit de ook internationaal geaccepteerde afscheiding van Aruba in 1986.</p>
<p>Waarom is dan toch het zelfbeschikkingsrecht van de afzonderlijke eilanden erkend? De reden moet waarschijnlijk gezocht worden, naast de culturele verschillen, in de gevoelens van animositeit en wantrouwen tussen de eilanden. Met name het historische gevoel van onderschikking aan Curaçao heeft diepe kloven geslagen. </p>
<p>Hoewel de erkenning van het zelfbeschikkingsrecht van de afzonderlijke eilanden dus niet verplicht was, heeft deze erkenning wel internationaalrechtelijke gevolgen. Nederland kan, met het oog op het rechtsbeginsel van goede trouw, namelijk niet meer ontkennen dat het internationale zelfbeschikkingsrecht toekomt aan elk der eilanden. Dat betekent dat de bevolking van ieder eiland het recht heeft zijn politieke toekomst in vrijheid te bepalen.</p>
<p>De Statianen hebben dit in ieder geval niet gedaan. De uitkomst van het referendum in 2005 is door de volksvertegenwoordigers opzij geschoven toen zij instemden met integratie. Die beslissing kan dan ook niet gezien worden als uitoefening van het zelfbeschikkingsrecht van Sint Eustatius. Tot begin april leek de schijn van legitimiteit te kunnen worden hooggehouden, omdat hevige protesten tegen deze gang van zaken uitbleven. Nu bevinden we ons echter in een situatie waarin de Statiaanse volksvertegenwoordigers zich hebben verzet tegen één van de gevolgen van de integratie. Ook is er openlijk om een referendum gevraagd. </p>
<p>Het internationaal recht verplicht de Koninkrijksregering om aan deze oproep gehoor te geven en wel voor 10 oktober 2010. Want het eiland mag met een inwonertal van rond de drieduizend dan wel kleiner zijn dan het overgrote deel van de Nederlandse gemeenten, die drieduizend hebben het volste recht om gehoord te worden.</p>
<p class="note">Charlotte Duijf is masterstudent Internationaal Publiekrecht aan de Universiteit Utrecht en Fred Soons is hoogleraar Internationaal Publiekrecht aan dezelfde universiteit en aan de Universiteit van de Nederlandse Antillen.</p>
<p class="note">Bron afbeelding: <a href="http://www.flickr.com/photos/hduh/" target="_blank">hduh</a></p>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://njblog.nl/2010/08/30/ook-de-statianen-hebben-het-recht-om-gehoord-te-worden/feed/</wfw:commentRss>
		<slash:comments>2</slash:comments>
		</item>
		<item>
		<title>Herleving van het drugsdebat</title>
		<link>http://njblog.nl/2010/05/19/herleving-van-het-drugsdebat/</link>
		<comments>http://njblog.nl/2010/05/19/herleving-van-het-drugsdebat/#comments</comments>
		<pubDate>Wed, 19 May 2010 13:34:29 +0000</pubDate>
		<dc:creator>Ybo Buruma</dc:creator>
				<category><![CDATA[Gastposts]]></category>
		<category><![CDATA[drugs]]></category>
		<category><![CDATA[strafrecht]]></category>
		<category><![CDATA[Ybo Buruma]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://njblog.nl/?p=3644</guid>
		<description><![CDATA[
Bolkestein, Borst en De Roos hebben zich in een opiniestuk in NRC uitgesproken voor totale liberalisering van de drugs. Ik weet nog altijd niet goed wat ik ervan moet vinden en voel me op dit punt geen echte activist. Ik zie jongelui en hun gezinnen kapotgaan aan de wiet. Ik zie verloedering in bepaalde wijken [...]]]></description>
			<content:encoded><![CDATA[<p><a class="post_image_link" href="http://njblog.nl/2010/05/19/herleving-van-het-drugsdebat/" title="Link naar Herleving van het drugsdebat"><img class="post_image alignleft" src="http://njblog.nl/wp-content/uploads/2010/05/drugs.jpg" width="240" height="168" alt="Afbeelding bij Herleving van het drugsdebat" /></a>
</p><p>Bolkestein, Borst en De Roos hebben zich in een <a href="http://weblogs.nrc.nl/expertdiscussies/schaf-verbod-op-soft-en-harddrugs-af-dat-dringt-de-criminaliteit-terug-schrijft-bolkestein/" target="_blank">opiniestuk</a> in NRC uitgesproken voor totale liberalisering van de drugs. Ik weet nog altijd niet goed wat ik ervan moet vinden en voel me op dit punt geen echte activist. Ik zie jongelui en hun gezinnen kapotgaan aan de wiet. Ik zie verloedering in bepaalde wijken waar men nauwelijks meer aan gewoon werk toekomt. En ik vraag me af of het verstandig is soft drugs en hard drugs over een kam te scheren (al is de tegenstelling nogal Hollands). Aan de andere kant heb ik altijd erg geloofd in de Nederlandse volksgezondheidsbenadering (en dan is kwaliteitsbewaking via het legale circuit slim), ben ik niet erg gecharmeerd van overlast-argumenten (want legalisering zou aan overlast juist iets kunnen doen) en denk ik dat op wereldschaal gezien ergens een begin moet worden gemaakt om een eigenlijk onmogelijke strijd te beeindigen. De huidige Amerikaanse politiek staat nu even open voor ietwat liberalere benaderingen.</p>
<p>Ondanks mijn sympathie, aarzel ik dus omdat we niet voorbij moeten gaan aan de reele problemen die het gebruik nu al oplevert en die door regularisering niet automatisch zijn opgelost. Er is echter een argument waar ik technisch-juridisch iets van vind. Bolkestein c.s. hebben ronduit gelijk met de stelling dat Europese of andere internationale verplichtingen regularisering mogelijk maken. Legalisering – oftewel de wettelijke strafbaarstellingen opheffen – leidt misschien wel tot problemen. Regularisering – dat wil zeggen behoud van strafbaarheid maar met duidelijk legaliserend beleid ten aanzien van de handhaving &#8211; kan echter wel degelijk, hoewel verstandige juristen van het T.M.C. Asser-instituut daar in 2005 anders over dachten. Voor de liefhebber plaats ik <a href="http://blogs.jur.ru.nl/yboburuma/files/pvda_drugs1.pdf" target="_blank">hier</a> een stuk dat ik een jaar geleden schreef als deel-advies voor kamerlid Lea Bouwmeester.</p>
<p class="note">Deze post is ook verschenen op <a href="http://blogs.jur.ru.nl/yboburuma/" target="_blank">Buruma blogt</a>.</p>
<p class="creativecommons">Bron afbeelding: <a href="http://www.flickr.com/photos/epsos/" target="_blank">epSos.de</a></p>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://njblog.nl/2010/05/19/herleving-van-het-drugsdebat/feed/</wfw:commentRss>
		<slash:comments>0</slash:comments>
		</item>
		<item>
		<title>Paniek op de dam</title>
		<link>http://njblog.nl/2010/05/06/paniek-op-de-dam/</link>
		<comments>http://njblog.nl/2010/05/06/paniek-op-de-dam/#comments</comments>
		<pubDate>Thu, 06 May 2010 20:00:42 +0000</pubDate>
		<dc:creator>Ybo Buruma</dc:creator>
				<category><![CDATA[Gastposts]]></category>
		<category><![CDATA[paniek]]></category>
		<category><![CDATA[Ybo Buruma]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://njblog.nl/?p=3561</guid>
		<description><![CDATA[
Ik was erbij op de Dam toen tijdens de twee minuten stilte een man begon te roepen. Het was wonderlijk dat wij in het publiek alleen de schreeuw hoorden. Een oudere moslim naast me zei Insh’Allah en keek me bedroefd aan. Misschien dacht hij net als ik terug aan een paar jaar tevoren toen wat [...]]]></description>
			<content:encoded><![CDATA[<p><a class="post_image_link" href="http://njblog.nl/2010/05/06/paniek-op-de-dam/" title="Link naar Paniek op de dam"><img class="post_image alignleft" src="http://njblog.nl/wp-content/uploads/2010/05/paniekopdedam.jpg" width="301" height="200" alt="Afbeelding bij Paniek op de dam" /></a>
</p><p>Ik was erbij op de Dam toen tijdens de twee minuten stilte een man begon te roepen. Het was wonderlijk dat wij in het publiek alleen de schreeuw hoorden. Een oudere moslim naast me zei Insh’Allah en keek me bedroefd aan. Misschien dacht hij net als ik terug aan een paar jaar tevoren toen wat nieuw Nederlandse jongelui door de stilte heen waren gaan roepen. Een gillend meisje doorbrak mijn bespiegelingen en toen hoorden we klappen. Waren het schoten? Later bleek het het lawaai van omvallende hekken te zijn. Mensen begonnen te rennen. Ik reageer van nature nogal secundair en was helemaal niet van plan te gaan rennen, maar als er een menigte op je af stormt word je niet blij. Mijn vriendin en ik liepen ook langzaam terug maar konden niet anders dan ons te laten meesleuren in de stroom. Ik zag een paar armen boven de menigte uit bezwerende, op en neer gaande bewegingen maken. Heel goed – misschien stille agenten, misschien verstandige medeburgers die tot kalmte maanden. Het had enig effect. De stampede werd rustiger. Even later werd gezegd dat iemand onwel was geworden – dat was helemaal goed (nou ja, het was natuurlijk een onzinbericht maar het hield de in gang gezette menigte af van verdere domheid). De Koningin kwam terug en we applaudiseerden. Het enige dat tot een voortdurend gevoel van onrust leidde waren de loeiende sirenes. Achteraf heb ik begrepen dat twee mensen echt ernstig gewond zijn geraakt.</p>
<p>Juridisch is het tot verbazing van journalisten die mij belden logisch dat wordt gedacht aan vervolging van de man die de eerste veroorzaker was wegens het toebrengen van zwaar lichamelijk letsel door schuld. Maar laten we wel onthouden dat de menigte voor zover ik het kon zien pas begon te rennen na de gil van het meisje en – wat ikzelf niet heb gehoord – nadat omstanders ‘bom, bom’ zouden hebben geroepen. Misschien meenden ze dat in hun paniek (bijvoorbeeld omdat iemand een koffer had laten vallen), misschien niet.  Het was de cascade van paniek gebaseerd op gebrekkig overzicht van wat er echt aan de hand was die ertoe leidde dat zwaar gewonden vielen – iemand brak zijn bekken en een ander een been (als ik het goed heb begrepen).</p>
<p>Natuurlijk begrijp ik de geprikkeldheid sinds vorig jaar Koninginnedag en sinds de terroristische aanslagen eerder dit decennium – maar de veerkracht van mensen lijkt wel heel klein te zijn geworden en daarmee een gevaar op zich. Ik zag 16-jarige meisjes staan te huilen in mijn nabije omgeving, terwijl wij dus niets hadden meegemaakt in het oog van de menigte. Waar is de zelfbeheersing gebleven?! Deze 4e mei leert dat de angst zelf nu echt gevaarlijk begint te worden – gevaarlijker dan de reële dreigingen.</p>
<p class="note">Deze post is ook verschenen op <a href="http://blogs.jur.ru.nl/yboburuma/" target="_blank">Buruma blogt</a>.</p>
<p class="creativecommons">Bron afbeelding: <a href="http://www.flickr.com/photos/39329812@N02/" target="_blank">Rufus Baas</a></p>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://njblog.nl/2010/05/06/paniek-op-de-dam/feed/</wfw:commentRss>
		<slash:comments>0</slash:comments>
		</item>
	</channel>
</rss>

